Voorstel meldplicht voor intermediairs bij discriminerende verzoeken naar Tweede Kamer

Keer op keer heeft de NBBU de afgelopen jaren bezwaar gemaakt tegen een wettelijke meldplicht voor intermediairs die zich bezighouden met werving en selectie. Deze meldplicht houdt in dat als u een verzoek krijgt van uw klant dat als discriminerend is aan te merken, u de plicht heeft hiervan melding te doen bij de Arbeidsinspectie. De Arbeidsinspectie heeft dan de mogelijkheid om bij uw klant te controleren of deze een werkwijze heeft die gericht is op gelijke kansen bij werving en selectie.
Het doel hiervan is om discriminatie te bestrijden, een doel waar iedereen voor is. Er zijn echter veel bezwaren tegen deze meldplicht als middel om dit doel te bereiken. Zo deelde het adviesorgaan van de regering de Raad van State deels dezelfde zorgen als de NBBU:
- Het is onduidelijk of intermediairs de vereiste kennis en expertise bezitten om in het bijzonder indirecte discriminatie in verzoeken van opdrachtgevers te herkennen;
- Een contractuele en commerciële relatie kunnen belemmeringen meebrengen voor het melden bij de Arbeidsinspectie […]. De vraag rijst hoe effectief een meldplicht is die intermediairs noopt om hun opdrachtgevers ‘aan te geven’.
- De intermediairs worden, als private partijen, mede verantwoordelijk gemaakt voor de handhaving van een publieke norm.
Toch toegevoegd
De politieke wens voor deze meldplicht is zo sterk dat deze, ondanks alle bezwaren, nu toch is toegevoegd aan het wetsvoorstel Wet toezicht gelijke kansen bij werving en selectie. Het is ondertussen naar de Tweede Kamer gestuurd voor de parlementaire behandeling.
Daarnaast wordt gewerkt aan een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB). Dit is een besluit waarin de Wet toezicht gelijke kansen bij werving en selectie nader wordt uitgewerkt. De NBBU is ook hierover in gesprek met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Een MKB-panel om bij ondernemers de regeldruk te toetsen is hier onderdeel van.
Experts op dit onderwerp