Econoom Mathijs Bouman: ‘Bedrijven raken eraan gewend dat onzekerheid een gegeven is’
Geopolitieke spanningen, hoge energieprijzen en economische onzekerheid bepalen al jaren het nieuws. Toch draait de Nederlandse economie opvallend rustig door. Econoom en journalist Mathijs Bouman ziet dat bedrijven zich steeds beter aanpassen aan een wereld waarin onzekerheid normaal is. Op het NBBU-evenement de Arbeidsmarkt van Morgen gaat hij in op die ogenschijnlijke tegenstelling en wat die betekent voor ondernemers.
De economie, de arbeidsmarkt en de manier waarop bedrijven omgaan met onzekerheid zijn bekende onderwerpen voor Bouman. In aanloop naar de Arbeidsmarkt van Morgen van 28 oktober 2026 spreken we hem over een krappe arbeidsmarkt, scenarioplanning, flexibiliteit en investeringen. Ook wijst hij op een ontwikkeling waarvan de gevolgen volgens hem nog altijd worden onderschat: de demografische veranderingen die de arbeidsmarkt de komende decennia bepalen.
Het lijkt alsof ondernemers van de ene onzekerheid in de andere rollen. Is de economie daadwerkelijk minder voorspelbaar geworden?
“Als je kijkt naar de economische groei en de arbeidsmarkt, is er eerder sprake van windstilte dan van storm. Dat is heel anders dan wat mensen verwachten. De cijfers over de economische groei in het eerste halfjaar zijn bijvoorbeeld weer naar boven bijgesteld. Het zijn geen Chinese groeicijfers, maar het is allemaal veel rustiger dan gedacht. Dat is opvallend, want als je het nieuws volgt, denk je soms dat de boel op instorten staat.”
Volgens Bouman is er bovendien een verschil tussen hoe consumenten en bedrijven naar de economie kijken. “De consument blijft behoorlijk negatief als je vraagt naar de eigen financiële positie en de economische toekomst. In het bedrijfsleven ligt dat anders. Met name de industrie heeft veel last van geopolitieke ontwikkelingen en hoge energieprijzen. Toch zie je daar een snelle verandering naar een positiever sentiment.”
Hoe kan het dat bedrijven ondanks al die onzekerheid positiever worden?
“Er is iets fundamenteels aan de hand. Die onzekerheid begon eigenlijk al in 2008 met de financiële crisis. Daarna kregen we de eurocrisis, corona en vervolgens de Oekraïne- en energiecrisis. Elke paar jaar gebeurt er wel zoiets. Inmiddels is dat voor bedrijven normaal geworden.”
Dat verandert volgens Bouman ook de manier waarop ondernemingen zich organiseren. “Bedrijven bereiden zich tactisch voor op een wereld waarin onzekerheid een gegeven is. De periode voor 2008, of misschien voor 2001, was eigenlijk uitzonderlijk rustig. Als je verder terugkijkt, zie je dat economieën altijd te maken hebben gehad met gebeurtenissen die de boel flink kunnen opschudden.”
Bedrijven kunnen daar rekening mee houden. “Je kunt robuuster worden, zodat je minder een speelbal bent van wat er om je heen gebeurt. Dat heeft bijvoorbeeld te maken met hoe je energie inkoopt, waar je toeleveranciers zitten en of je daarvan afhankelijk bent in één land. Ook kun je door diversificatie zorgen dat je verschillende markten bedient.”
Tegelijkertijd blijft de Nederlandse arbeidsmarkt krap. Wat betekent die combinatie voor werkgevers?
“Die krappe arbeidsmarkt is eigenlijk ook een nieuwe factor. Op zichzelf is het geen onzekere factor, want demografisch valt redelijk goed uit te rekenen hoe de potentiële beroepsbevolking zich ontwikkelt. Maar het is wel een extra handicap voor ondernemers die willen groeien.”
Zelfs bij beperkte economische groei blijft de druk op de arbeidsmarkt volgens Bouman groot. “Als je een half procent groei hebt in een kwartaal, blijft die arbeidsmarkt gewoon krap. Daar moet je mee leren omgaan. Ik denk dat het een belangrijke succesfactor voor bedrijven wordt in hoeverre ze dat goed weten te doen.”
Daarbij ziet hij verschillende mogelijkheden. “Je kunt zorgen dat je een heel goede werkgever bent. Er zijn bedrijven die veel minder problemen hebben met het vinden van mensen, omdat mensen er graag willen werken. Daarnaast moet je recruiting op orde zijn en veel meer vooruitdenken over hoeveel mensen je in verschillende scenario’s nodig hebt.”
Technologie speelt daarin eveneens een rol. “Je kunt natuurlijk ook produceren met minder mensen. Maar dan moet je heel erg investeren in nieuwe technologieën.”
Hoe kunnen ondernemers vooruitkijken als zoveel factoren onzeker zijn?
“Dat is fundamenteel moeilijker geworden. Er bestaat geen trucje waarmee onzekerheid geen invloed meer heeft op je bedrijf. Wat grote bedrijven daarom doen, is scenarioplanning. Ze gaan met experts binnen en buiten het bedrijf kijken naar ontwikkelingen die misschien onwaarschijnlijk zijn, maar waarvan de gevolgen heel groot zouden zijn.”
Het doel daarvan is volgens Bouman vooral om voorbereid te zijn. “Dat geeft je niet meteen antwoord op wat je vandaag moet doen, maar het maakt je weerbaarder als gebeurtenissen met een kleine kans en grote gevolgen toch plaatsvinden.”
Die weerbaarheid kan ten koste gaan van maximale efficiëntie. “Misschien houd je een vestiging open die eigenlijk niet zo rendabel is, omdat je die in een bepaald scenario nodig kunt hebben. Of je onderhoudt relaties met toeleveranciers op plekken waar de kosten wat hoger liggen. Als de goedkopere route wegvalt, heb je een alternatief. Zo maak je je bedrijf robuuster.”
Welke rol kan een flexibele arbeidsmarkt daarin spelen?
“De inflexibele arbeidsmarkt in Nederland belemmert bedrijven om snel te schakelen. Dat geldt als je plotseling moet afschalen, maar ook als je een kans ziet en iets nieuws wilt uitproberen. Je wilt bijvoorbeeld een team oprichten om een nieuwe markt te ontwikkelen. Dat kan lukken, maar het kan ook mislukken.”
Daar kan een flexibele schil een rol spelen, al plaatst Bouman daar een kanttekening bij. “De uitzendmarkt is toch vooral geschikt om pieken en dalen op te vangen. In het algemeen hebben we in Nederland een weinig flexibele arbeidsmarkt. Een van de uitkomsten daarvan is dat we een heel grote flexibele schil hebben.”
Volgens Bouman zou meer flexibiliteit binnen de gehele arbeidsmarkt bedrijven kunnen helpen sneller te reageren op veranderingen. “Je zou liever willen dat het minder uitmaakt op wat voor contract iemand zit en dat ondernemers makkelijker kunnen schakelen.”
Op de arbeidsmarkt gaat het veel over personeelstekorten, AI en productiviteit. Welke ontwikkeling krijgt volgens jou te weinig aandacht?
“Een leven lang ontwikkelen en loopbaanbegeleiding. Daarmee kun je ervoor zorgen dat mensen nieuwe vaardigheden opdoen, misschien een hele nieuwe wending aan hun carrière geven en in een andere sector terechtkomen.”
Nederland heeft dat volgens Bouman onvoldoende georganiseerd. “Daar wordt al heel lang veel over gesproken. Maar je kunt van werkgevers ook niet verwachten dat ze mensen opleiden voor een beroep dat niet bij hun eigen bedrijf bestaat. Daar missen we echt de boot.”
Daarnaast ziet hij een achterstand bij investeringen in technologie. “Nederland loopt achter op het gebied van digitalisering en AI. Daar hebben we het veel over, maar bijvoorbeeld robotisering is echt gestagneerd. Echte procesinnovatie vindt bij het mkb veel te weinig plaats.”
Ligt dat aan een gebrek aan geld?
“Er is zat geld. Niet per se op de goede plek en onder de goede voorwaarden, maar als er één land genoeg geld heeft, is het Nederland. We hebben een lage staatsschuld, enorme spaartegoeden bij particulieren en een heel grote pensioenpot. We hebben de afgelopen vijftig jaar zitten oppotten. Het gebrek aan geld kan dus niet het probleem zijn.”
De uitdaging zit volgens hem in het beschikbaar krijgen van dat kapitaal voor investeringen. “Spaarders en investeerders moeten risico durven nemen. Daar hebben we ook een Europese oplossing voor nodig. Risico’s wil je spreiden en daarvoor heb je een veel groter gebied nodig waarover je dat kunt doen.”
Welke economische ontwikkeling onderschatten ondernemers volgens jou het meest?
“De demografie. Dat is natuurlijk een oud verhaal, maar het besef van hoe sterk de arbeidsmarkt de komende vijftien tot twintig jaar verandert, is er nog steeds onvoldoende.”
De huidige krapte is volgens Bouman daarom geen tijdelijk probleem. “We vinden de arbeidsmarkt nu krap en proberen daar met plak- en knipwerk iets aan te doen. Maar het idee dat de arbeidsmarkt deze hele eeuw krap zal blijven, leeft nog onvoldoende.”
Die ontwikkeling beperkt zich bovendien niet tot Nederland. “Ook landen waarvan we nu denken dat we er werk naartoe kunnen uitbesteden of mensen vandaan kunnen halen, krijgen te maken met een grote demografische omslag. Dat hangt ook samen met die gebrekkige investeringen in arbeidsvervangende technologie. Daar is echt te weinig aandacht voor.”
Tijdens de Arbeidsmarkt van Morgen gaat Mathijs Bouman verder in op economische onzekerheid en de gevolgen daarvan voor ondernemers en de arbeidsmarkt.